28.2.10

Maart Prijsvraag: Win een boek van Fabien Kempen!

Als kind verzon Fabien Kempen al avontuurlijke verhalen, en nu is ze, behalve Thuisblijfmoeder, officieel kinderboekenschrijfster!

Wij interviewden Fabien, en nu kun je kans maken op één van haar boeken!

Beantwoord met onderstaand formulier deze vraag: 'Waar woonde Fabien als kind?'
Het antwoord vind je op haar website!


Alleen antwoorden via het formulier kunnen meedoen aan de prijsvraag.

Je naam
Email adres
Je antwoord
Opmerkingen
Image Verification
captcha
Please enter the text from the image:
[ Refresh Image ] [ What's This? ]


Uitslag Februari Prijsvraag

Linda, van webwinkel Lindalou, stelde een gepersonaliseerd koffertje beschikbaar als prijs.

Om kans te maken moest je de volgende vraag beantwoorden: onder welke naam verkoopt Linda deze koffertjes? Het antwoord was te vinden op Lindalou. Het juiste antwoord was: Koesterkoffertje!

Uit alle goede inzendingen trokken we Petra Wirtz als winnares. Gefeliciteerd Petra! Jij ontvangt een gepersonaliseerd koesterkoffertje!

Petra, je hebt een mail gehad hoe je je prijs kunt claimen. Heb je die mail niet gehad, stuur dan je naam en adres naar tbm@thuisblijfmoeders.nl voor dinsdag 2 maart a.s. om je prijs te claimen.

Voor prijzen die niet zijn geclaimd op dinsdag 2 maart wordt een nieuwe winnares getrokken.

27.2.10

Interview met Elisabeth Badinter over nieuwe moedermoraal

Het nieuwe feminisme, het ecologisch radicalisme, allerlei (kinder)artsen en La Leche League zijn, volgens Elisabeth Badinter, verantwoordelijk voor een moederrol, waarbij het kind centraal staat.


Bewijs van deze indoctrinatie vindt Badinter bijvoorbeeld het feit dat vijfendertig jaar geleden nog geen 15% van de Franse vrouwen borstvoeding gaf, maar dat dit in 2010 zo'n 70% zal zijn.

Andere voorbeelden zijn wasbare tampons, voeden op verzoek, katoenen luiers i.p.v. wegwerpluiers, pleidooien voor natuurlijke bevallingen en een groeiend wantrouwen tegen de pil omdat die 'onnatuurlijk zou zin'. Met heimwee denkt Badinter terug aan de tijd dat je als zwangere vrouw nog gewoon mocht drinken en roken tijdens de zwangerschap.

Elisabeth Badinter vindt dit alles een stap terug in de tijd, en ten koste gaan van vrouwen. Ze schreef er een boek over 'Le conflit. La femme et la mère', dat in Frankrijk veel stof doet opwaaien.

Volgens Badinter gaat het haar om keuzevrijheid voor vrouwen. Volgens eigen zeggen strijdt ze ervoor dat vrouwen altijd zelf kunnen kiezen.

Maar het lijkt erop dat dit alleen geldt als het keuzes zijn waarmee zij het eens is. Iets waar wel meer feministes last van hebben.

In de Belgische Standaard een interview met haar!

25.2.10

Expatmama: Lilian in de VS

Lilian Boehlke-Quere (32) is getrouwd met Josiah, en samen hebben ze een dochter Ayanna. Lilian is zwanger van hun tweede kind. Lilian verhuisde samen met Josiah naar de VS. Wij vroegen haar hoe het is om te moederen in de VS!


Van Nederland naar Rochester NY.

In Nederland studeerde ik aan de kunstacademie, die ik niet af maakte. Vervolgens maakte ik een vreemde stap en werd stewardess voor vier jaar, maar ik illustreerde ook voor het bedrijf. In 2004 kreeg ik de kans om voor een paar maanden naar Tanzania te gaan. Afrika heeft sinds jongs af aan een plek in mijn hart, dus heb ik alles opgezegd en ben gegaan. Ik voelde me thuis en vond het geweldig.

Josiah ontmoette ik voor het eerst daar, vlak voor mijn vertrek terug naar Nederland. Na veel reizen tussen Nederland, USA en Afrika zijn we in 2007 getrouwd en ben ik naar de USA verhuisd, waar Josiah bezig is een studie af te ronden. Ons plan is uiteindelijk terug te gaan naar Tanzania of ergens anders in Oost Afrika.

Rochester NY

We wonen hier in een stad; Rochester, NY. We kochten afgelopen jaar een huis (de prijzen liggen hier in Rochester érg laag. Het is echt geweldig wat we hier hebben voor een bedrag waarvoor je in Nederland niet eens een garage kunt kopen. Het leven in Amerika bevalt me beter dan verwacht. We hebben een leuke groep internationale vrienden, en er is veel kunst en cultuur in Rochester.

Overgang van Nederland naar de VS

Het begin vond ik romantisch: het was net een film. We waren net getrouwd, er was enorm veel sneeuw en het was avontuurlijk. Het is dat avontuurlijke gevoel dat me de eerste maanden heeft gered. Nu ben ik gewend, ik woon hier. Ik mis Nederland, familie, vrienden en bepaalde typische gezelligheden, maar ik heb geen "heartbreaking" heimwee.

Moederen in Amerika

Ik ben hier fulltime moeder. Josiah studeert en werkt, dus ik sta er vaak alleen voor. Voor mij betekent moeder zijn in Amerika dus altijd bij Ayanna zijn, zonder familie in de buurt. Dat maakt het soms best zwaar. Wel vind ik dat er in Amerika veel te doen is; playgroups, activiteiten bij bibliotheek en boekclub, the YMCA, musea, muziekgroepjes.

Ayanna is net op die leeftijd dat dat echt leuk begint te worden, dus zal ik vaker weg zijn. Wat ik heel jammer vind is dat ik niet even op de fiets weg kan met haar, hier moet je altijd met de auto. Ook de kinderwagen wordt niet gebruikt om boodschappen mee te gaan doen.

Echt Amerikaans vind ik het overbeleefde wat kinderen wordt geleerd. Ik heet altijd 'Mrs Lilian', en hoor vaak: 'Did you say please, and thank you?' Dat is natuurlijk mooi, maar kan te ver gaan.

Een dag uit mijn leven

Hoe mijn dagen er uit zien is afhankelijk van Josiah's lesrooster. Op dit moment sta ik heel vroeg op (4 uur of 5 uur) om mijn werk te kunnen doen. Ik heb nog wat portretopdrachten, kunst voor Afrika en werk aan mijn blog.

Rond half 7 worden Josiah en Ayanna wakker en maken we ontbijt. Meestal vertrekt Josiah tussen 8 en 9 naar studie of werk, en komt pas 's avonds terug. Sommige avonden komt hij nog later omdat hij dan werkt.

Ik probeer altijd mezelf in de kleren te hebben voordat Josiah vertrekt en ook alle gordijnen open te hebben:-) Gedurende de dag speel ik met Ayanna, maak schoon, doe de was, boodschappen, bezoek vrienden, etc. Als Ayanna slaapt, slaap ik ook. Na bad, boekjes en liedjes gaat Ayanna rond half acht naar bed en ik volg niet veel later. Het is een druk semester.

Schoolsysteem in Amerika

Een onderwerp dat me bezig houdt, ook al is het nog niet aan de orde! Ik laat Ayanna in ieder geval liever niet hier, naar de inner city school, gaan, en private schools zijn voor ons te duur. Veel vrienden doen aan homeschooling, wat hier vrij normaal is en waar goede systemen voor zijn. Ik weet niet of ik daar de discipline voor heb.

School districten

In Amerika ga je naar school in de wijk waar je woont. Wij betalen belasting per school district en dat is duurder in de buitenwijken dan in de binnenstad. Er zijn dus (behalve privé) weinig 'rijke' scholen in de stad.

Ik vind dit heel jammer want dit veroorzaakt een groot verschil tussen arm en rijk, stad en buitenwijk. Wij zijn bewust in de stad gaan wonen. Urban by choice noemen ze dat. Maar toen we aan school dachten, begreep ik ineens waarom mensen met kinderen eerst kijken waar de betere scholen zijn voor ze een huis kopen.

De inner city schools hebben gemiddeld meer problemen, meer geweld en meer ongepast taalgebruik. Ik zou niet graag willen dat Ayanna hierdoor beinvloed wordt. En het geweld is voor mij beangstigend. Onze buren hebben wel hun kind op een school hier in de buurt, en het meisje vindt het geweldig om naar school te gaan, en is een heel lief en beleefd kind, het kan dus ook best prima zijn. Het is voorlopig meer mijn gevoel, en misschien heeft het ook te maken met het loslaten van mijn dochter.

Kinderfeestjes in Amerika

Voor mijn gevoel zijn alle feestjes hier kinderfeestjes: er worden altijd spelletjes gedaan. Dat vind ik heel maf, hoe oud je ook bent, spellen horen er bij. Kinderfeestjes zijn een beetje hetzelfde als in Nederland, althans in onze vriendenkring. De taart is alleen mierzoet!

Fulltime moederen, fulltime baan of parttime werk in Amerika

Je ziet hier van alles op het gebied van werk. De eerste jaren hier werkte ik als nanny voor twee meisjes. Dat betaalt hier redelijk goed! De ouders van mijn oppaskinderen wilden hun baan houden, zeker in deze tijd van crisis. Zelf zouden wij er financieel op achteruitgaan, als ik een baan zoek en we opvang moeten regelen.

Verder zijn hier veel soorten naschoolse opvang: daycare, nannies, familie en naschoolse activiteiten.

Parttime werken in Amerika

Ik heb hier weinig ervaring mee. Wat ik zo hoor, is het zeker niet zo goed geregeld als in Nederland. Amerika is een land van 'Werken, werken, werken.' Maar ik geloof dat dat in Nederland ook zo is geworden.

Op een gegeven moment komt er vanzelf een omslag, en dan moeten bedrijven daar wel in mee gaan, denk ik. Zelf werk ik vanuit huis aan mijn schilder en tekenopdrachten Mama Ayanna. Soms verlang ik wel naar kinderopvang, misschien in de toekomst. Ik vind werken vanuit huis ideaal, ik ben een echte WAHM (Work At Home Mom).

Opvoeding

Wij willen onze kinderen opvoeden met respect voor iedere cultuur, beleefd en vooral met een hart voor de ander. You betekent hier zowel 'je' als 'u', dus je kunt dat niet fout doen. Er is hier veel respect, en kinderen zijn vaak erg beleefd. Soms een beetje 'te'.

Integratie

Het integreren viel me mee. Nou moet ik wel zeggen dat Josiah hier al een aantal jaar woonde, dat scheelt. Zelf maakte ik meteen veel vrienden op verschillende manieren: via via, via een internationaal netwerk, via de kerk en zelfs via een oude bank die we kochten van iemand. Vrienden maken gaat me hier makkelijk af.

Ik heb me ook wel heel actief opgeteld en zei in het begin tegen alles "'Ja'. Dat doe ik nj niet meer, maar ik denk dat het nodig is als je net in een ander land woont. Ik probeerde alles als een reis, als een avontuur te zien. Dat heeft me erg geholpen bij de emigratie.

Verschillen VS en Nederland

Het grootste verschil is dat je hier dingen niet op de fiets kunt doen, en dus altijd met de auto moet. En dat alles groter is. Ik mis het kleine, ik mis die Hollandse gezelligheid, die zo moeilijk uit te leggen is.

Een ander groot verschil is de feestjes en bijeenkomsten, alles is meer theatraal, groter, meer entertainment en niet zoals in Nederland, waar het meer is van 'Doe maar normaal, dan doe je gek genoeg'.

Ik denk dat dit is waar deze twee culturen enorm botsen. En altijd maar die spelletjes, zoals ice-breakers en name-games. Voor mij als Nederlander hoeft dat niet. Volwassenen moeten gewoon, zonder spelletje en zonder naamkaartje op je trui, kunnen kletsen, discussiëren en genieten.

Ik merk dat het lastiger is verschillen tussen culturen te accepteren als je had verwacht dat de nieuwe cultuur op jouw cultuur zou lijken. Verschillen tussen Westerse en niet-Westerse culture vind ik makkelijker.

Wat me aanspreekt in Amerika is dat er meer ruimte is, men elkaar in hun waarde laat, er weinig slecht wordt gesproken over een ander.

Meer lezen of wil je Lilians werk bewonderen?

Bezoek Mama Ayanna

23.2.10

Beroemde Thuisblijfmoeders

In Vrouw Magazine nummer 34, een bijlage van de Telegraaf, drie portretten van 'beroemde' Thuisblijfmoeders. Aan het woord komen Jorinde Moll, Paulien Huizinga en Vivian Ewbank.


Een herkenbaar citaat uit het interview met Paulien Huizinga:

Het heeft even geduurd voordat ik er trots op kon zijn, dat ik juist heel veel voldoening haalde uit dat moederen. Dat niet ik in gebreke bleef omdat ik niet buitenshuis werkte, maar dat de anderen fout zaten omdat ze niet inzagen dat het moederschap bepaald niet hetzelfde is als ‘niets doen’.

Lees hier het artikel in de Telegraaf

Wie kent nog meer bekende Thuisblijfmoeders?

22.2.10

Moeders kunnen hun stem laten horen

Voel je je als moeder soms een roepende in de woestijn? Dan heb je nu de gelegenheid je stem te laten horen, en jouw prioriteiten, uitdagingen en bedenkingen kenbaar te maken.


De Europese afdeling van de World Movement of Mothers is één van de twaalf partners van een opwindend project van de Europese Commissie: Family Platform.

Het voornaamste doel van dit project is om onderwerpen te identificeren die van belang zijn voor het welzijn van gezinnen en zo het Europees familiebeleid te beïnvloeden.

Het onderzoek bestaat uit twintig vragen over je leven en is anoniem en vertrouwelijk. Het kost je ongeveer twintig minuten.

Doe mee aan dit onderzoek

20.2.10

Nieuwe moederschapsideologie gevaar voor feminisme

De Franse moederschapsideologie, waarbij vrouwen succesvol een fulltime baan combineren met kinderen is in gevaar! Tenminste, dat vreest Elisabeth Badinter, feministe en schrijfster van het boek 'De mythe van de moederliefde'.


Het gevaar komt van een groep 'ecologen, borstvoedende advocates en gedragsdeskundigen,' aldus Badinter. Deze groep propageert een moederideaal dat niet te combineren valt met een baan buitenshuis.

De ideale moeder

Deze ideale moeder geeft zes maanden borstvoeding, gaat niet snel weer aan het werk, gebruikt geen pijnbestrijding bij de bevalling, kiest voor katoenen luiers en laat haar baby soms bij haar in bed slapen.

Badinter vindt deze moeder een stap terug voor vrouwen, en in strijd met het gelijkheidsideaal waarnaar feministen streven. Volgens Badinter verzetten Franse vrouwen zich nu nog tegen dit ideaal, maar hoe lang nog, vraagt ze zich af.

Cecelie Duflot, nationale secretaris van de groene partij 'Les Verts', en moeder van vier, reageerde verontwaardigd op Badinters suggestie dat het feit dat zij haar kinderen organische broccoli voert en hun luiers wast in plaats van wegwerpt, betekent dat zij 'achter' loopt.

Sabine Salmon, directice van Femme Solidaires valt Badinter juist bij. Tijdens schoolbezoeken is het haar inderdaad opgevallen dat meer jonge meisjes Thuisblijfmoeder willen worden. 'It's a very worrying indicator,' aldus Salmon.

Een interessante observatie, nu ook in Engeland stemmen opgaan over een omslag naar traditioneler waarden.

Het artikel in de Guardian

Vrouwen willen kostwinner en moederen

Moeders zitten tussen twee vuren: aan de ene kant is er het overheidsbeleid dat wil dat vrouwen buitenshuis werken en een maatschappij die fulltime moederen als 'thuiszitten' en 'niet werken' beschrijft.

Aan de andere kant zijn er de feministes die zeggen dat vrouwen juist gedwongen worden te moederen door inflexibele werkgevers, te weinig opvang en mannen die geen poot uitsteken in het huishouden.

Maar wat willen vrouwen zelf eigenlijk?


Volgens socioloog Geoff Dench kiest de huidige generatie vrouwen voor een terugkeer naar traditionele waarden, waarbij de vrouw het brood snijdt, en de man het verdient. Hij baseert deze conclusie op zijn analyse van de resultaten van de jaarlijkse British Social Attitudes survey.

Dench: 'Women with young children are going back to the very traditional division of labour in which they want the husband as the breadwinner. De groep vrouwen verantwoordelijk voor deze omslag in denken is tussen de 18 en 34 jaar oud.'

Dit is zijn zachtst gezegd een opvallende verandering in denken!

Even wat cijfers op een rij!

Neem nou de reacties op deze stelling:

'Als moeders met kinderen, jonger dan vier, buitenshuis gaan werken is dat nadelig voor het gezinsleven.'
In 1990 was 43% procent het hier mee eens.
In 1998 was dit gedaald naar 21,
maar in 2006 is het weer gestegen naar 37%.

'De meeste vrouwen wensen een huis en gezin.'
Het aantal mensen dat het hier mee eens was daalde tussen 1994 en 2002 naar 15%. Maar in 2006 is dat aantal gestegen naar 32%.

Maar het grootste verschil leverde deze vraag op:

'Moeten mannen en vrouwen verschillende rollen hebben?'
In 1986 antwoordde 40% van de vrouwen met kinderen onder de vier met ja.
In 1990 was dat nog maar 13% en in 2002 nog maar 2%.
Maar in 2006 was het weer gestegen naar 17%.

Een verklaring voor deze omslag in denken geeft Geoff Dench niet. Maar volgens de Brits-conservatieve hoek is het een verzet tegen de druk van de regering om buitenshuis te werken. Volgens de 'linkerkant' worden vrouwen gedwongen zo te gaan denken omdat de combinatie werk-kinderen zo lastig is.

Geoff Dench' conclusie sluit overigens aan bij de zgn. Vierde Feministische Golf in Amerika, waar vrouwen er ook voor kiezen fulltime te moederen.

19.2.10

Kostwinnersmodel is te snel ontmanteld

Donderdag 18 februari promoveerde Myrtille Hellendoorn aan de Vrije Universiteit op het proefschrift ”Kostwinners en verliezers” over de economische positie van vrouwen in het tijdvak 1950-1990.

Het kostwinnersmodel ging op de schop om het armoederisico voor vrouwen te verkleinen, maar volgens Hellendoorn heeft juist die snelle ontmanteling vrouwen kwetsbaarder gemaakt.


Zorg voor kinderen niet langer reden om geen betaalde baan te hebben

Om vrouwen minder afhankelijk te maken van het inkomen van een kostwinner, en het armoederisico te verkleinen, begon zo'n dertig jaar geleden de ontmanteling van het kostwinnersmodel. Op dit moment staan de restanten van dat kostwinnerstelsel, zoals de algemene heffingskorting en de partnertoeslag in de AOW op de lijst van bezuinigingen.

Door een betaalde baan zouden vrouwen minder kwetsbaar worden, en zich in geval van echtscheiding, of verlies van de partner, financieel kunnen redden. Rechten op inkomen en bestaanszekerheid werden voortaan gekoppeld aan een eigen betaalde baan.

De zorg voor kinderen werd niet langer gezien als een belemmering om in het eigen levensonderhoud te voorzien. Huwelijksgerelateerde inkomensbronnen die traditioneel als beloning golden voor zorg en opvoeding, (zoals partnerpensioen, weduwe-uitkeringen, alimentatie en sociale uitkeringen), zijn afgenomen.

Van mogen naar moeten

In de jaren zeventig werden binnen de vrouwenbeweging voorwaarden geformuleerd voor economische zelfstandigheid, zoals een betere waardering van onbetaalde zorg en een herverdeling van betaalde en onbetaalde arbeid. Toen kwamen de jaren tachtig en werd economische zelfstandigheid een verantwoordelijkheid en plicht van vrouwen.

Opdoeken kostwinnerschap heeft positie vrouwen niet verbeterd

Myrtille Hellendoorn onderzocht of de verdwijning van het kostwinnersmodel inderdaad heeft geleid tot een verbeterde economische positie van vrouwen. Uit data van het CBS blijkt dat dit niet het geval is.

Wel zijn de inkomensverschillen tussen vrouwen onderling groter geworden, maar het gemiddelde inkomen van vrouwen met zorgtaken, die niet meer (meer) beschikken over het inkomen van een medekostwinner, is juist relatief achteruit gegaan.

Kortom: terwijl vaak wordt gesteld dat de oorzaak van het hoge armoederisico van vrouwen ligt in het traditionele kostwinnerschapsysteem, zou het wel eens nauwkeuriger kunnen zijn om te zeggen dat dit risico in de jaren tachtig juist ontstond door de snelle ontmanteling daarvan! De traditionele rechten werden sneller ontmanteld dan dat vrouwen dit door eigen arbeid konden compenseren.

Dr. Myrtille Hellendoorn: 'Afschaffing van het kostwinnerstelsel stond aanvankelijk in het teken van de emancipatie van vrouwen; zij is echter steeds meer een instrument geworden om te bezuinigen op overheidsuitgaven en om de werking van de markt over steeds meer terreinen uit te breiden. Bezinning op de vraag voor wie dat eigenlijk een goede ontwikkeling is, is gewenst.'

Download het hele proefschrift

16.2.10

Geld verdienen als Kinderboekenschrijfster

Fabien van Kempen (38) heeft samen met haar echtgenoot drie kinderen van negen, zes en vier.
Schrijven loopt als een rode draad door haar leven. Als kind verzon ze met haar nichtjes al allerlei avontuurlijke verhalen, en na de nodige afwijzingen kreeg ze een proefopdracht bij uitgeverij Delubas en nu is ze officieel kinderboekenschrijfster!


Wij vroegen haar het hemd van het lijf over deze carrière, hoe ze het heeft aangepakt, hoe ze het combineert met haar gezin, enzovoort.

Kortom: alles wat je altijd al wilden weten over een kinderboekenschrijfster, maar niet durfde vragen!


Wanneer besloot je dat je schrijver wilde worden?

Het was een proces. Op de basisschool maakte ik graag opstellen en op de middelbare school was Nederlands mijn lievelingsvak. Voor mijn opstel dat ik voor het eindexamen schreef, kreeg ik een negen. Daardoor overwoog ik voor het eerst serieus om ‘iets’ met schrijven te gaan doen.

Dat leidde tot een communicatiestudie, waarna ik bij verschillende bedrijven werkte, in verschillende functies waarbij schrijven altijd een rol speelde. Pas toen ik kinderen kreeg en heel veel voorlas kwam ik op het idee om kinderboeken te schrijven. En toen ik eenmaal begon, kon ik niet meer stoppen.

Deed je er een opleiding/cursus voor?

Ja, ik heb meerdere cursussen en workshops gedaan. Via de NTI, dagblad Trouw, en bij twee auteurs die ook lesgeven.

De geboorte van een schrijfcarrière

Doordat mijn man voor zijn werk veel van huis is, en we voor zijn werk regelmatig moesten verhuizen, belandde ik na het indienen van mijn ontslag aan mijn laatste werkgever, nog overrompeld door het moederschap, met een baby vanuit de Randstad in Groningen.

Omdat dit niet de eerste keer was dat ik mijn baan moest opzeggen vanwege een verhuizing, leek het mij handig iets vanuit huis te starten. Ook omdat ik toen al wist dat we nog een keer voor een aantal jaar naar het buitenland moesten. Eerst overwoog ik freelance tekstschrijver te worden, maar ik had in het Noorden van Nederland geen netwerk. Daarom besloot ik het met fictie te proberen. Eerst voor volwassenen, maar ik vond alles wat ik schreef nogal pathetisch. Ik las mijn kinderen dagelijks met veel plezier voor en raakte steeds meer geïnspireerd zelf kinderverhalen te gaan schrijven.

Waarom schrijf je graag voor kinderen?

Ik denk dat ik daarin het beste mijn fantasie en humor kwijt kan. Bovendien word ik vrolijk van de verhalen die ik verzin, dat had ik niet toen ik probeerde voor volwassenen te schrijven.

In het begin richtte ik me vooral op kleuters, maar langzaamaan begint dat steeds meer te verschuiven naar bovenbouw basisschool. In principe schrijf ik voor alle leeftijden even graag, het is dus vooral wat er op mijn pad kwam aan (proef)opdrachten en kansen. Het liefst zou ik een breed oeuvre opbouwen, voor alle leeftijden van de basisschool.

Ik merk aan mezelf dat ik tijdens het schrijven voor kinderen in een heel ander stuk van mijn hersenen zit te wroeten dan tijdens het schrijven voor volwassenen. Maar als je me vraagt dat nader uit te leggen zou ik het niet kunnen.

Waar let je op als je kinderboeken schrijft?

Het is belangrijk om op het niveau van de doelgroep een verhaal te vertellen. Daarvoor moet je niet door de knieën gaan en betuttelend gaan schrijven, maar echt in de hoofdpersoon kruipen en naar de wereld kijken zoals een kind van die leeftijd dat doet. Ook is het erg belangrijk, en moeilijk, de spanning goed op te bouwen, zodat het kind steeds verder wil lezen, nog een hoofdstuk, en nog een.

Wat is er anders aan schrijven voor kinderen dan voor volwassenen?

Het is maar hoe je het bekijkt. Aan de ene kant zou je kunnen zeggen: niks. Want in beide gevallen moet je je verplaatsen in de doelgroep. Maar daarin ligt tegelijkertijd het verschil. Als volwassene is het over het algemeen makkelijker om je in een andere volwassene te verplaatsen dan in een kind. Niet alleen wat betreft de belevingwereld, maar ook wat betreft het taalgebruik en de woordkeuze.

Ik zie dat je ook op 'avi-niveau' schrijft. Hoe doe je dat?

Avi-schrijven ervaar ik vooral als puzzelen. Bijvoorbeeld: hoe schrijf je een verhaal over een verhuizing voor avi M3 als je het woord verhuizing niet mag gebruiken? Dat vergt soms nogal wat creativiteit.

Van tevoren moet je extra goed nadenken over het verhaal. Welke woorden heb je nodig om dat te vertellen en mag je die bij het betreffende avi-niveau gebruiken? Een verhaal waarin de politie een rol speelt, kan dus niet in groep 3, simpelweg omdat het woord agent of politieman niet mag worden gebruikt.

Bij avi is het de kunst om ondanks de vele beperkingen toch zo te schrijven dat de zinnen natuurlijk overkomen. Helaas ken ik genoeg avi-boeken die veel te geforceerd geschreven zijn waardoor je kinderen niet echt warm maakt voor lezen. Het avi-schrijven is echt een vak op zich.

Veel mensen denken dat kinderboeken schrijven 'makkelijk' is. Wat vind je daarvan?

Tja, op zich kan iedereen ook wel een kinderverhaaltje verzinnen. Maar of zo’n verhaal in de ogen van een uitgever bijvoorbeeld een goede spanningsopbouw, geloofwaardige personages, voldoende zins- en woordvariatie, een goed toegepast perspectief en humor heeft, is weer een tweede.

Hoeveel tijd besteed je per week aan schrijven?

Sinds de jongste ook naar school gaat zo’n 15 uur per week. Daarvoor moest ik echt de uren bij elkaar schrapen met behulp van peuterspeelzaal en slaaptijden en kwam ik denk ik uit op een gemiddelde van 3 tot 5 uur. Tot mijn grote frustratie sliepen mijn kinderen overdag altijd zeer kort. Vaak waren ze alweer wakker tegen de tijd dat mijn slome computer pruttelend opgestart was. Ik ben soms erg jaloers geweest op ouders van kinderen die overdag 2 tot 3 uur sliepen.

Hoe ontstaat een boek? Hoe kom je op ideeën?

Ideeën stromen bij mij de hele dag binnen. Mijn fantasie raakt heel snel geprikkeld en ik zie altijd meteen grappige beelden voor me. Het kan zijn door iets wat een kind zegt, een krantenartikel, iets wat kinderen spelen, een foto in een blad, een jeugdherinnering.

Met het idee waar ik op een bepaald moment de meeste mogelijkheden in zie, ga ik verder. Dan verzin ik er personages bij en een avontuur en ontvouwt zich langzaam een boek. Tijdens het schrijven worden de details ingevuld, karakters, omgeving, bijfiguren, de invloed van hen op de hoofdpersoon, etc. Er moet heel wat ingekleurd worden en dat moet in het ideale geval elkaar aanvullen en versterken.

Hoe komen de illustraties tot stand? Ben je daar als schrijver nauw bij betrokken?

Meestal regelt de uitgever dat. Vaak kiezen zij een illustrator en zetten deze aan het werk. Tussentijds krijg je als schrijver de schetsen te zien en kun je daar feedback op geven. De invloed die je op de keuze van de illustrator en het tot stand komen van de tekeningen hebt, verschilt trouwens nogal per uitgever en soort boek.

Kun je van schrijver-zijn leven? Hoe krijg je betaald? Met royalty's?

Er zijn maar weinig schrijvers die van de royalty’s van hun boeken kunnen leven. Dan moet je echt succesvol zijn. Maar je kunt ook inkomsten uit aanverwante zaken proberen te krijgen. Zoals het geven van gastlessen of lezingen op scholen en bibliotheken. Op het moment schrijf ik elke maand een verhaal voor Taptoe. Dat is ook een mooie extra inkomstenbron, en erg leuk en uitdagend om te doen.

Hoe groot is de gemiddelde oplage van je boeken?

Tussen de 1000 en de 3000.

Hoeveel verdien je gemiddeld met één boek?

Het verschilt per boek, zo speelt de verhouding illustraties en tekst een rol. Meestal krijg je tussen de 5 en 10 % van de verkoopprijs.

Hoe combineer je het met je gezin?

Ik schrijf als de kinderen op school zijn. Maar eigenlijk ben ik er in gedachten voortdurend mee bezig. Dat is soms wel een probleem, dan ben ik heel afwezig en verstrooid en kan ik het verhaal waar ik die ochtend aan gewerkt heb moeilijk loslaten.

Je boeken worden uitgegeven door een 'echte' uitgeverij. Heb je self publishing overwogen?

Er zijn veel mensen die denken dat ze kunnen schrijven. Als een reguliere uitgever je uit de slush pile trekt, is dat meteen een bevestiging dat je ook daadwerkelijk kan schrijven. Een pod-uitgever (publishing on demand) geeft alles uit en dan zou je dus met de illusie kunnen voortleven dat je een goede schrijver bent terwijl het misschien voor een ander oersaai is wat je geschreven hebt.

Dat zou ik niet willen, dat zou voelen alsof na een toiletbezoek je rok per ongeluk aan de achterkant tussen je onderbroek blijft zitten en dat niemand het tegen je durft te zeggen. Bovendien moet je bij een pod-uitgave ook alle marketing en verkoopactiviteiten zelf organiseren en bekostigen. Zie dan maar eens je boek in de boekhandel en bibliotheek te krijgen. Dat valt nog niet mee.

Het heeft je jaren gekost bij een uitgeverij binnen te komen: kun je daar wat over vertellen?

Ik heb wel de nodige afwijzingen gekregen ja. Ik denk dat ik alles bij elkaar, met verschillend werk, wel een stuk of twintig uitgeverijen heb benaderd. Dat viel me soms zwaar. Een verhaal is toch een stuk van jezelf, waardoor het ook als een persoonlijke afwijzing voelde. Dan moest ik echt de motivatie om verder te gaan uit mijn tenen trekken.

Dat het lang duurde voordat ik beet had, komt voor een deel doordat ik jarenlang maar een paar uur per week kon schrijven. Het duurde dus gewoon erg lang voordat ik een manuscript af had. Bovendien gingen de eerste jaren ook veel uren op aan de cursussen die ik deed.

Het eerste manuscript dat ik rondstuurde was een verhalenbundel met de titel ‘Tina Treuzel en Tempo de Windhond’. Daarop kreeg ik de standaardafwijzingen ‘past niet in het fond’ en ‘geen commerciële mogelijkheden’. Ik besloot het boek naar een manuscriptbeoordelingsbureau te sturen en aan de hand van hun feedback heb ik het verhaal herschreven, ook heeft een collega-auteur er kritisch naar gekeken. Vervolgens heb ik het boek weer naar een aantal uitgevers gestuurd. Weer ontving ik afwijzingen, maar nu met een opmerking erbij over bijvoorbeeld een aantrekkelijke schrijfstijl en dan volgde er nog een ‘maar’.

Uitgeverij Clavis nodigde me, alweer bijna twee jaar geleden, zelfs uit voor een gesprek. Mijn stijl sprak hen aan, maar verhalenbundels gaven ze niet veel uit. Ze legde uit naar wat voor soort boeken ze wel op zoek waren. Dat bleek een vruchtbaar gesprek, want deze zomer komt er bij hen een boek voor 10+ uit en dat is zelfs gebombardeerd tot het eerste deel van een serie. Ik ben nu heel druk met het schrijven van deel 2.

Intussen was ik ook gaan oefenen met avi-schrijven en had ik het geluk dat iemand mij tipte dat uitgeverij Delubas nieuwe avi-auteurs zocht. Ik stuurde hen mijn avi-verhalen toe en kreeg een proefopdracht voor het schrijven van een samenleesboek. Dat verzoek kreeg ik bijna twee jaar geleden, het boek met de titel ‘De zeehond zonder naam’ ligt nu pas in de winkel. De uitgeverswereld is dus ook behoorlijk traag. Gelukkig was Delubas zo tevreden dat ik nog een boek mocht schrijven, dat zal in mei verschijnen.

Hoe koos je welke uitgeverijen je benaderde met je manuscript?

Door op internet en in de bibliotheek naar vergelijkbare boeken te zoeken qua stijl en genre en te kijken wie de uitgever is. Het is erg belangrijk dat je dat onderzoekt, het is gewoon zonde van porto en papier om lukraak wat uitgevers te benaderen.

Hoe kunnen mensen jouw boeken kopen?

Ik heb thuis een stapel liggen. Voor kennissen, vrienden en andere geïnteresseerden die een gesigneerd exemplaar willen. Mensen kunnen die kopen via mijn mijn website

‘De zeehond zonder naam’ en de volgende twee boeken die uit zullen komen zijn bij Bol.com te koop.

‘Kikkerpoep en Saharazand’ is in een boekenabonnement verschenen en dus niet los te koop in de (internet)boekhandel, maar kan wel bij mij besteld worden.

De verhalenbundel ‘Heksen, bollen en glazen trollen’ is geloof ik uitverkocht, er komt geen nieuwe druk meer.

Wat raad je moeders aan die een boek willen schrijven/ schrijfster willen worden?

Heel veel oefenen, veel schrijfboeken lezen, cursussen volgen zodat je feedback op je werk krijgt van mensen die er verstand van hebben en vooral niet te snel opgeven. Ook is het belangrijk om een schrijfnetwerk te hebben. Er zijn diverse fora op dit gebied. Daar kun je heel veel leren en bovendien kun je zo wel eens een voor jou gouden tip krijgen. Ik denk dat het belangrijk is om open te staan voor feedback en goede adviezen.

Heb je een favoriet kinderboek/ kinderboekenschrijfster?

Ik was vroeger gek op Guus Kuijer en dan vooral op de boeken van Madelief. Annie M.G. Schmidt ontdekte ik pas door het voorlezen, en is nu een van mijn favorieten.

Over het algemeen springen vooral losse titels eruit en niet een heel oeuvre van iemand. Wat me het meeste aanspreekt zijn boeken waarin met humor de verbazing van een kind over zijn leven wordt beschreven. Dat kan een luchtig onderwerp zijn zoals in het boek ‘Deesje’ van Joke van Leeuwen over een meisje dat door haar verlegenheid juist in de meest bizarre situaties terechtkomt maar ook een zwaar onderwerp zoals ‘Twee tieten in een envelop’ van Wim Daniëls, over een meisje dat haar moeder verliest aan borstkanker.

Lezen je kinderen je boeken?

Ja, die zijn heel trots en laten de boeken ook op school zien.

Speelt je moederschap een rol in je schrijven van kinderboeken?

Door het moederschap heb ik altijd veel kinderen om me heen en zie ik wat hen bezighoudt, wat voor problemen ze kunnen hebben, hoe ze naar de wereld kijken en wat voor dingen ze mee maken en dat is een bron van inspiratie.

Zie je ontwikkelingen in kinderboeken? De huidige generatie veertigers las bijv. de Dolle Tweeling van Enid Blython en Kruistocht in spijkerbroek. Nu leest mijn dochter Carry Slee en Francine Oomen. Ik krijg de indruk dat de onderwerpen zwaarder zijn geworden. Herken je dit?

De voorbeelden die je noemt zijn denk ik vooral het resultaat van het vinden van een gat in de markt. Tijdens mijn jeugd waren er nauwelijks boeken voor kinderen in de (pre)puberteit. Met als gevolg dat ik op mijn twaalfde alles van Jan Wolkers las.

Gelukkig zijn puberonderwerpen tegenwoordig bespreekbaar en snapt men nu dat boeken over die onderwerpen voor kinderen juist een veilige manier zijn om met puberproblemen kennis te maken. Door te lezen hoe andere kinderen met problemen omgaan, krijgt een kind een voorbeeld over hoe je dingen op kunt lossen of hoe je het juist niet moet doen. Dat werkt vaak beter dan een waarschuwende ouder.

Ik denk dat het kind tegenwoordig veel serieuzer genomen wordt, en dat uit zich ook in een breder aanbod van boeken. Ik vind dat een goede ontwikkeling. Vroeger werd je in het echte leven net zo goed met dat soort serieuze onderwerpen geconfronteerd, maar begreep je er als kind niets van, en moest je je er vervolgens maar mee zien te redden. Er iets over lezen kon in elk geval niet.

Hoe zie je je toekomst als schrijfster?

Ik zou graag heel verschillende dingen schrijven. En er moet natuurlijk nog een film komen, want toen mijn dochter laatst een film aanzette zei ze tegen me: ‘Het zou mooi zijn, hè mama, als er eens een boek van jou verfilmd wordt.’ De lat ligt dus hoog. Het bereiken van die lat, daar durf ik alleen nog maar over te dromen.

Wil je meer weten?

Surf dan snel naar Fabiens website!

Fabienvankempen.nl

Foto: Gea Schenk

13.2.10

Voor je kind zorgen is hoogste vorm van emancipatie

Het eerste jaar zelf voor je kind zorgen is een daad van emancipatie,' dat vindt Beatrijs Smulders. De tijd die je aan je kind besteed haal je later op de werkvloer dubbel en dwars weer in, door de winst die het jou en je kind oplevert, aldus Beatrijs Smulders.

Interview met Beatrijs Smulders in Volzin

Beatrijs Smulders: Moederschap,
onvoorwaardelijke liefde zit in je lichaam

Magazine: Volzin (www.opiniebladvolzin.nl)
Tekst: Lisette Thooft

Ze is oprichtster en directeur van het Geboortecentrum in Amsterdam en al jaren in binnen- en buitenland de grote voorvechtster voor het behoud van de Nederlandse verloskunde met de mogelijkheid van thuisbevalling. Zelf werd ze op veertigjarige leeftijd moeder, twaalf jaar geleden. Wat heeft ze sindsdien ontdekt? “Ik heb ontdekt dat het ouderschap, het moederschap, zo’n beetje het
belangrijkste is dat er is. Voor je eigen ontwikkeling, en om de nieuwe generatie zo liefdevol mogelijk op de wereld te zetten. Het
allerbelangrijkste. Dan komt een hele tijd niks en daarna komt pas de rest.”

Carrière maken bijvoorbeeld?
“Je kunt dat niet eens op dezelfde schaal leggen, het is van een totaal andere orde. Het moederschap ligt zo dicht bij je eigen ontwikkeling naar een liefdevoller mens, je spirituele ontwikkeling. Sommige mensen hebben geen kinderen nodig om hun potentie te realiseren. Maar als je kinderen hebt, zijn het ouderschap en de relatie waarbinnen je dat opvoeden doet, van een enorm belang. En dat wordt in onze tijd te weinig gezien.” Vrouwen worden aangemoedigd om te werken en tijd voor zichzelf op te eisen…
“Ja. Na de bevalling ga je na twaalf weken weer aan het werk, dat is de norm. Maar ik ben er achter gekomen dat een zwangerschap eigenlijk twee jaar duurt. Het kind zit nog een jaar op je buik. Eerst is er de navelstreng, en daarna zit je kind aan je borst geplugd. Wij zijn als kangoeroes. Pas als een kind de eerste stapjes zet, raakt het een beetje los van de moeder.”

Houdt dat in dat je het eerste jaar een kind niet naar de crèche moet brengen?
“Dat zeg ik, ja. Als de moeder ontspannen is, zich veilig voelt en niet te snel weer aan het werk moet, dan voelt haar kind zich ook veilig. Dan kan zo’n kind later beter stress hanteren, dat blijkt ook uit onderzoek. Als een baby zich dat eerste jaar vaak onveilig voelt, wordt hij of boos, of hij keert zich in zichzelf en laat het afweten. Dat zijn nu precies de extremen die je in onze maatschappij ziet: agressie, en een terugtrekreactie.”

Hebben zoveel mensen dan een onveilige babytijd gehad?
“Ik geloof dat de mensheid nog steeds in een zeer moeilijke fase van de evolutie zit. We hebben een groot ontwikkeld hoofd waarvan we zelf helemaal onder de indruk zijn, maar we bevinden ons ook nog in de fysieke overlevingssfeer, die van het vechten. De volgende stap in de evolutie zal hopelijk zijn dat we meer in liefde samenleven. Dus het heeft niet alleen met de babytijd te maken. Maar juist in deze fase helpt het wel (heel erg )weg) als we kinderen op de wereld zetten die een veilige basis hebben. En veiligheid wordt gecreëerd op lichamelijk niveau, via het vertrouwde lichaam van de moeder. De vader staat daar weer omheen met grote armen, die stelt de moeder in staat om veiligheid te geven. Volgens mij is de hoogste vorm van emancipatie dat je je jong met dat
soort veiligheid op de wereld zet en het eerste jaar doorkomt. Dus: het eerste jaar gewoon zo veel mogelijk in de buurt zijn en thuisblijven. Mensen die daar echt niet voor in de wieg zijn gelegd, kunnen een vervangmoeder regelen. Vaders hebben zeker een belangrijke rol, maar dat eerste jaar komt het toch op de moeder aan. Ik kom er steeds meer achter dat er een vrouwelijke kracht is en een mannelijke kracht. Vrouwen hebben ook die mannelijke kracht in zich, maar op hun vrouwelijke kracht zijn ze het sterkst. Met hun mannelijke kracht moeten ze vechten en daarmee kunnen ze een heel eind komen – ik heb het aan mezelf gezien – maar het is zwoegen geblazen. En het resultaat is minder mooi dan als ik ontspan en met mijn aandacht in mijn onderbuik zak, als het ware. Dan kan ik bergen verzetten, moeiteloos. Zwanger zijn en bevallen komt uit diezelfde krachtbron.”

Dus de moeder moet er zijn voor het kind, en de vader moet er zijn voor de moeder?
“Het eerste jaar na de geboorte is dat het beste. Dan heb je dat alvast binnen. Daarna kan er nog ongelooflijk veel fout gaan, maar dan heb je een basis waarop je kunt terugvallen. Borstvoeding is ook heel belangrijk. Als het kind tegen een jaar aanloopt, kun je het naar een goede, veilige crèche brengen. Volgens mij hebben we niet in de gaten hoe stom we bezig zijn. We kunnen ons leven lang werken, geniet toch van dat jaar eruit! Het is een lange termijninvestering - het scheelt later weer bakken met energie.

Zouden veel vrouwen niet bang zijn om hun baan te verliezen?
Wettelijk mag je in die periode nooit ontslagen worden. Het is overduidelijk dat het zwangerschapsverlof verlengd moet worden tot
een jaar, net zoals in Zweden, Duitsland en Frankrijk. Zolang het nog niet zover is, adviseer ik vrouwen om zich massaal, na twaalf weken, op de dag dat ze terug moeten komen naar hun werk, arbeidsongeschikt te melden. Je liegt niet: je bent niet ziek, maar je bent wel totaal arbeidsongeschikt. Want je bent te moe en labiel, je geeft nog borstvoeding, je bent doodongelukkig als je niet bij je kind bent. Dan gaat het zwangerschapsverlof namelijk gewoon door. Je werkgever krijgt doorbetaald, de vervanging kan blijven, en jij zelf krijgt ook doorbetaald. Bij het Geboortecentrum Amsterdam werken zeventig vrouwen. Wat gebeurde er telkens weer als er vrouwen bevallen waren? Na twaalf weken kwamen ze terug - terwijl ik het daar als vroedvrouw niet mee eens was – en ze hielden het misschien een maand vol, daarna stortten ze alsnog in. Kwamen ze in de ziektewet en moest ik het als werkgever betalen. De vervanging was verdwenen, zij voelden zich diep ongelukkig want ze hadden de werkgever teleurgesteld. Dus dat zijn we anders gaan doen. Ze melden zich arbeidsongeschikt en ze komen weer werken wanneer ze zich beter voelen. Meestal is dat na een maand of zes, zeven, dan beginnen ze parttime. En dan heb ik weer een frisse werkneemster, die zich niet schuldig voelt en zin heeft om er weer tegenaan te gaan, en die niet op een burnout aankoerst.”

Heb je dat zelf ook zo gedaan met je twee kinderen?
“Nee, ik heb het zelf anders gedaan en daar heb ik spijt van. Ik heb op mijn veertigste Mees gekregen en op mijn drieënveertigste Stijn. Bij Mees had ik net het Geboortecentrum opgericht en ik vond zelf dat ik er niet uit kon, een jaar. En bij Stijn moest ik zo nodig een boek schrijven, Veilig bevallen. Ik heb wel een vervangmoeder geregeld, bij Mees een oma en bij Stijn een au pair. Maar als ik het over mocht doen, zou ik het anders doen. Die behoefte om te presteren en mijn deuntje mee te zingen in de maatschappij zou ik een jaartje opzij zetten. Dus achteraf denk ik: het is een gemiste kans dat ik het dat eerste jaar niet wat rustiger aan gedaan heb en zo snel weer in de mannelijke energie ben gaan zitten.”

Waar komt die prestatiedruk toch vandaan?
“Bij mij had het te maken met de relatie met mijn vader. Ik ben nu pas, na mijn vijftigste, de eisen en verwachtingen van mijn vader aan het loslaten. Wij moesten voor hem presteren. Dan was hij meer waard, als hoofd van de familie. Alle dochters keken naar hem op: hou toch van me! Maar hij had alleen voorwaardelijke liefde: ik hou van je als je iets presteert. We vochten ook onderling om zijn erkenning. Mijn vader is een heel inspirerende man. Een spirituele man, iemand met esprit. Maar zijn gebrek aan eigenliefde gaf hij aan ons door. Onvoorwaardelijke liefde is zeldzaam in onze maatschappij. Ik doe het met mijn eigen kinderen ook niet helemaal goed – ik ben ermee verzoend dat we in een imperfecte staat verkeren, in dit stadium van de evolutie. Ik doe mijn best en meer kan ik niet doen. Om de rest moet ik maar heel hard lachen en het mezelf niet al te zeer kwalijk nemen. Ik neem het mijn vader ook niet meer kwalijk, die deed ook enorm zijn best. Natuurlijk zit ik soms nog in een emotionele laag en denk ik dat ik iets niet kan of niet goed genoeg ben. Maar als je dieper gaat, uit je hoofd, in je lichaam, dan kom je kalmte en liefde tegen. Daarom is het ook zo belangrijk om bij een bevalling zelf de regie te houden, zoals ik al jaren propageer. Ook de pijn is belangrijk: die haalt je uit je hoofd en brengt
je in je lichaam. En daar zit je zelfvertrouwen als moeder. Moederschap is een lichamelijke aangelegenheid: je doet, je praat met je lichaam. In je hoofd zitten de conditioneringen van vroeger, de herinneringen aan de pijn en het streven naar genot dat nooit genoeg is. Dat gehijg naar meer, meer, meer dat nergens toe leidt… We moeten allemaal minder hard werken. Ik heb de verloskundige begeleiding in het Geboortecentrum uitgebreid tot een jaar na de bevalling, want ik zie hoe moeilijk het is. Een kind krijgen is alsof er een granaat ontploft in je leven. Daarvoor was je lekker met jezelf bezig en nu is er dat kind dat alle aandacht opeist. In
spiritueel opzicht heb je een goudklomp in handen, want een baby is pure liefde. Maar het is tegelijk chaos op alle niveau’s. Een enorme energie is uit je lichaam verdwenen en het duurt een jaar voor je jezelf weer bij elkaar geraapt hebt. Je werk interesseert je niet wezenlijk, en dat hoort zo, dat is de natuur, dat vereist je lichaam. Ik zeg tegen vrouwen: accepteer nou wat je voelt. Geniet van die nieuwe kracht. Ik zie het als de hoogste vorm van beschaving als een maatschappij dat eerste jaar moederschap aan kinderen kan geven.”

Dus lichaamsbewustzijn is volgens jou de sleutel. Is dat inzicht door twaalf jaar moederschap gekomen?
“Het fysieke moederschap heeft zeker bijgedragen: het tillen, het troosten, het gezwoeg met die kinderen op de fiets door de stad, al dat lichamelijke zorgen. Daarom ben ik ook zo overtuigd dat het belangrijk is de lichamelijke verantwoordelijkheid te nemen voor de bevalling: die maakt je klaar voor dat fysieke moederschap. Verder volg ik sinds twee jaar lessen bij een Israëlische leraar, Erel
Yedidia. Mijn man Roel was door zijn rug gegaan en niets hielp, orthopeden, manuele therapeuten, we hadden alles gedaan en toen zei iemand: in Tel Aviv zit iemand die veel weet van lichamen. Ik heb mijn man als een soort invalide, onder de pijnstillers, naar Schiphol gebracht - en vijf dagen later had ik een jong veulentje terug. Alles was over. Yedidia had Roel een totaal andere kijk gegeven op zijn lichaam en op de pijn, een heel andere ervaring. Ik was zo onder de indruk dat we binnen twee weken een workshop met Yedidia hadden georganiseerd hier, en hij kwam. Hij noemt zichzelf leraar lichaamstaal; hij praat en doet oefeningen met je. Hij versterkte mijn idee dat we het vooral moeten hebben van ons lichaam. Hij zegt: een mens is in wezen ongecontroleerd. Buiten je wil om raak je geëmotioneerd. Maar als je met je aandacht en je adem afdaalt in je levenskracht, en daarmee bedoelt hij de seksuele energie in de onderbuik, dan geeft dat je het vermogen om uit de ongecontroleerde emotie te stappen. Dan kom je in een leegte, een vrije ruimte, waar je een keus hebt om een ander in zijn volle glorie te zien en om onvoorwaardelijke liefde te geven. In dat gebied val je niet ten prooi aan je emoties. Dat sloot aan bij waar ik al mee bezig was: vrouwen hun vrouwelijke kracht laten ontdekken en kinderen onvoorwaardelijke liefde laten ervaren. Maar als je in je lichaam afdaalt, kom je altijd eerst pijn tegen. Weet je eenmaal waar die zit, dan kun je dat accepteren en dan kun je eromheen. Maar eerst word je ermee geconfronteerd.”

Heb jij dat ook ervaren?
“Verschrikkelijk! Er zat een angstig meisje in mij, dat voelde dat er geen onvoorwaardelijke liefde was, en dat sidderde voor de strengheid van de vader als ze het niet goed deed… De gedachte: ik ben niet goed genoeg, ik kan het niet… En maar rennen! Zonder vertrouwen op de fysieke vitaliteit en eigen autonomie. Maar het echte zelfvertrouwen heb ik nu wel ontdekt. Niet dat ik er altijd mee in contact ben, maar ik kan er komen - als ik de pijn helemaal accepteer, en met mijn aandacht onderin mijn lichaam ga. Je voeten en benen zijn ook heel belangrijk, daarmee aard je. Ik kan mijn anker uitslaan voorbij de pijn en dan trek ik mezelf eruit. Het is heel down to earth, en daarmee heel westers.”

Zegt het rooms-katholieke geloof je eigenlijk nog iets?
“Laatst was ik op een begrafenis en voor het eerst sinds jaren verdiepte ik me in de liturgie. Toen ik achttien was, waren het zulke sleetse begrippen; God in de hemel was een Sinterklaas die niet bestond. Als ik nu die teksten lees en God vervang door een onbekende intelligentie, een intelligente macht die achter de evolutie zit, dan klinken die teksten ineens heel spiritueel. Zo is het ook begonnen, denk ik. Maar doordat het mensenwerk is, werd het lelijk. Alle godsdiensten zijn geperverteerd. Maar als je teruggaat naar de bron, zijn er zoveel verlichte teksten. En die rituelen… Het doopsel bijvoorbeeld is iets moois, met zout op de lippen, water. Dopen is tegen een kind zeggen: je wordt als egoïst geboren, dus je valt ten prooi aan de overlevingsdriften, je zult mensen de kop in willen slaan, en langzamerhand word je mens, hopelijk sterf je als mens… En zelfs al sterf je als egoïst, dan heb je het in ieder geval geprobeerd. Ik vind het hoopgevend dat er zoveel mensen zijn die ondanks die tegenkrachten zo liefdevol kunnen zijn. Wat deze wereld nodig heeft, is dat we allemaal onze oorspronkelijke kracht vinden in onszelf, daar waar de onvoorwaardelijke liefde zit. Sterk moederschap is een belangrijke bijdrage aan de evolutie.”

Beatrijs Smulders (1952) volgde een opleiding tot verloskundige en ontwikkelde zich tot internationaal bekende voorvechtster van de
Nederlandse verloskunde, waar de thuisbevalling een prominente plaats inneemt. In 1992 richtte zij in Amsterdam het Geboortecentrum op, een centrum met verloskundige praktijk, kraambureau, consultatiebureau, pre- en postnatale cursussen, kinderopvang en de geboortewinkel voor zwangerschaps- en babyartikelen. Zij schreef vijf boeken, o.a. Veilig bevallen, Veilig zwanger, en Weeën in de nacht. Op dit moment schrijft zij aan een volgend boek: Veilig door het jaar na de bevalling. Alle boeken zijn uitgegeven door Kosmos Z&K. Beatrijs Smulders is getrouwd met regisseur Roel van Dalen en heeft twee zoons.

Moeders zoeken wat af!

Moeders zoeken heel wat af, en niet alleen naar dat ontbrekende sokje, maar naar informatie. Ze voeren maar liefst twee keer zoveel zoekopdrachten (21 per week) op internet in als vrouwen zonder kinderen (11 keer per week).

Dit blijkt uit een onderzoek van OTX Research en Sterling Brands onder 4.800 moeders, dat ze deden in opdracht van Google en BabyCenter.
  • Ruim 50% van de moeders zoekt in hele zinnen.
  • Eenderde kijkt niet verder dan de eerste tien zoekresultaten
  • Moeder gebruiken zoekmachines om te bepalen wat ze zullen kopen
  • Moeders gebruiken zoekmachines om recepten en kortingsbonnen te vinden, dus als een soort databank
  • Ruim 50% van de moeders zou niet meer zonder zoekmachine kunnen en 65% ziet Google zelfs als een vriend.
Zelf zoek ik inderdaad veel op met Google, van symptomen van allerlei kinderziektes tot de situatie in Haïti. Ook het KNMI mag ik graag raadplegen, om te bepalen welke kleren ik voor de kinderen moet klaarleggen. Sites als Beslist.nl vind ik handig om prijzen te vergelijken en beoordelingen van producten te lezen.

Hoe vaak gebruik jij een zoekmachine per week? Herken je je in de 21 keer per week die de onderzoekers rapporteren?

11.2.10

Thuisblijfmoederschap bevordert innerlijke rust

In haar boek 'Tien geboden voor innerlijke rust' pleit Lisette Thooft voor korte termijn doelen: doelen die je dezelfde dag nog kunt verwerkelijken. Langere termijn doelen zorgen alleen maar voor onrust, volgens Lisette. Het leven laat zich immers niet plannen. Je weet nooit wat er op je weg komt. 'Eindstations in de verre toekomst staan een natuurlijke ontwikkeling in de weg.'

Het bestaan als Thuisblijfmoeder leent zich bij uitstek voor korte termijn doelen. Lisette: 'In het huishouden zijn de meeste voornemens en ambities binnen een dag te realiseren. Kinderen op tijd uit bed halen, ontbijt geven en naar school begeleiden. De was doen en de ramen lappen. Boodschappen halen, eten koken, eten, afruimen, afwassen. Als de dag voorbij is ligt er misschien nog een strijkwasje voor morgen, maar de meeste dingen die die dag echt moesten gebeuren, zijn ook echt gebeurd. De kinderen hebben drie maaltijden achter hun kiezen en liggen gewassen in hun bedje. Dat geeft een diep bevredigd gevoel: je hebt gedaan wat je moest doen en kunt ontspannen.'

Zou dat betekenen dat Sisyphus, die door de Goden veroordeeld werd een grote rots een berg op te rollen die er vervolgens even hard weer afrolde, de innerlijke rust zelve was?

4.2.10

Opvoedingscanon: alles wat je altijd al weten wilde over opvoeding

Heb je vragen over de opvoeding, of zit je met de handen in het haar over je lastige puber? Dan is er nu de Opvoedingscanon. De ultieme vraagbaak, dus move over Supernanny en kornuiten!

In 51 hoofdstukken lees je een samenvatting van de meest recente, wetenschappelijke informatie over opgroeiende kinderen, en er wordt meteen bij vertelt hoe je die informatie in de praktijk toepast. Een soort Winkler Prince voor opvoeden dus.

'Gefeliciteerd: u heeft 29 van de 51 vragen correct beantwoord!'

Op de gelijknamige website kun je als ouder je kennis testen. Ik heb de test gemaakt met een bedroevend resultaat, hoewel de onheilsboodschap optimistisch verpakt werd:

'Gefeliciteerd! U heeft 29 van de 51 vragen correct beantwoord!'

De vragen zijn pittig, en sommige vond ik subjectief, en het antwoord juist/onjuist eigenlijk niet van toepassing. Als Thuisblijfmoeder werd bijvoorbeeld mijn antwoord op onderstaande vragen fout bevonden:

  • Juist of onjuist? Kinderen van ouders die niet buitenshuis werken, hebben normaal gesproken een hechtere band met hun ouders dan kinderen van ouders die wel buitenshuis een baan hebben.
  • Welke van de volgende twee stellingen is volgens u het meest juist? 1) Opvang thuis is altijd beter voor de ontwikkeling van baby’s dan opvang buitenshuis. 2) Kinderopvang van voldoende kwaliteit heeft geen negatieve invloed op de ontwikkeling van baby's.

Waarom een opvoedingscanon?

De opvoedingscanon is een initiatief van Rene Diekstra, lector Jeugd en Opvoeding aan de Haagste Hogeschool. Diekstra vroeg in het voorjaar van 2008 1000 Haagse volwassenen naar hun kennis over ontwikkeling en opvoeding. In de zomer van 2009 deed hij hetzelfde onder experts. Uit de resultaten concludeerde hij dat er behoefte was aan een overzicht van opvoedkundige kennis.

Je kunt de opvoedingscanon kopen in boekvorm of lezen op de website Opvoedingscanon. Maar bekende boekhandel bol.com levert geen enkel resultaat op.

Kunnen alle andere opvoedkundige boeken nu weg?

Ik word een beetje moe van al die experts die vertellen hoe je de opvoeding moet aanpakken, maar een overzicht van de meest recente informatie is natuurlijk wel handig. Wellicht kunnen we nu juichend al onze opvoedkundige boeken verbranden, en enkel nog de opvoedingscanon hanteren?! vaarwel Supernanny, vaarwel Trischa Neeve, vaarwel Marga Schiet, vaarwel dr. Spock en Penelope Leach.

Wat is jouw score?

Nou ben ik benieuwd: wat is jouw score op de 51 vragen? Laat je score achter in de comments!

1.2.10

Linda's Lindalou

Linda (35) en Paul zijn al achttien jaar samen, en zijn de trotse ouders van hun tweejarige zoon Ruben.

Wij interviewden haar over haar winkel Lindalou!


Linda heeft gouden handen

Na de Havo deed Linda een jaar Pabo en een modeopleiding. Daarna werkte ze in verschillende kledingwinkels, maar als 'echte' baan vond ze dat vrij saai, en nu werkt ze met veel plezier op de leerlingenadministratie op een school.

Linda heeft een webwinkel, en niet zo maar een webwinkel, want Linda maakt al haar producten zelf! En aan ideeën heeft ze geen gebrek: 'Mijn hoofd loopt over van de ideeën, soms word ik helemaal gek van mezelf! Ik wil álles uitproberen.'

Pas ontdekte ik het wolvilten, súperleuk om te doen, en met de verjaardag van mijn zoontje maakte ik bijvoorbeeld cupcakes met marsepein. Té leuk gewoon. Eigenlijk weet ik dat ik gewoon geen nieuwe dingen moet uitproberen, ik kan namelijk óveral wel wat van maken.

Meestal zie ik ergens iets en ga ik dat dan uitproberen. Zo had ik nog nooit gehaakt. Geen idee hoe 't zit met halve stokjes, ik snapte er werkelijk geen bal van, maar ik tover dan wel leuke bloemetjes te voorschijn! En daar gaat het om. Het zit in mijn vingers denk ik.

Ik werk graag met vilt. En ik vind de stofschilderijtjes en koffertjes erg leuk om te maken. Ik krijg dan ook superleuke reakties van mensen. Dat persoonlijke, speciaal iets voor iemand maken, dat maakt me blij.

Over Lindalou

Linda is haar webwinkel gewoon begonnen, zonder ondernemersplan of bezoek aan de KvK. Linda: 'Nu het winkeltje goed begint te lopen, moet ik me er binnenkort maar eens in gaan verdiepen.'
Haar allereerste logo maakte ze zelf, maar het huidige logo is ontworpen door een vriendin en is geïnspireerd op Linda's haarelastiekjes!

De naam Lindalou is te danken aan een oude jeugherinnering: 'Toen we vroeger op vakantie waren riep een duitser: 'Lindalou die Wasserbal' naar mij, en dat is altijd blijven hangen.'

De huidige lindalou.eu heeft Linda gemaakt met een collega, en haar ervaringen met haar weblog kon ze goed gebruiken bij het opzetten van de webwinkel. Linda koos bewust niet voor een kant-en-klare winkel omdat ze deze vorm veel leuker vindt.

Materiaal en prijzen

Haar materialen koopt ze overal en nergens, soms in hobbywinkels en soms via internet. Prijzen bepaalt Linda door zich af te vragen wat ze ergens zelf voor zou willen geven.
'Maar ik vind dat een moeilijk iets, een prijs bepalen. Zeker voor mensen die ik ken, dan heb ik altijd de neiging van: ach....'

Marketing en publiciteit

Linda heeft de volgende marketing strategieën

  • Mond-tot-mond reclame
  • Lindalou-hyves
  • Een link op mijn weblog
  • Producten in een vitrine-kast op school
  • Affiches op bij winkels

Tijdsbesteding

De tijd die ik er aan kwijt ben verschilt per week: 'De ene keer ben ik iedere avond ermee bezig en soms doe ik weken niks, maar dan opééns zijn die kriebels er toch weer.. en dan begin ik weer met wat nieuws. Ik freubel op de momenten dat het uitkomt. Vaak 's avonds en soms tijdens de middagdut van zoonlief.'

De toekomst van Lindalou

Linda droomt van haar eigen knutselpeperkoekhuisje in de tuin, waar ze freubelworkshops kan geven. Het eerste kinderfreubelfeestje is al gegeven en was een succes.
Linda: 'Zó leuk! Dat zou ik graag meer willen doen. En verder hoop ik dat het storm gaat lopen en iédereen straks een échte Lindalou wil hebben! Dát zou tof zijn... Ach, zolang ik er mensen blij mee kan maken, vind ik het súperleuk!

Meer lezen van Linda?

Bezoek Linda's webwinkel!
Linda's blog
Linda's hyve

Linda stelt een koffertje beschikbaar als prijs!

Zoals wij Linda hebben leren kennen in dit interview heeft ze niet alleen gouden handjes, maar ook een gouden hart! En we vinden het dan ook erg leuk dat ze een koffertje beschikbaar stelt voor onze februari prijsvraag!

Kijk om mee te doen bij de Februari Prijsvraag!

Maak kans op een gepersonaliseerd koffertje!

We interviewden Linda van webwinkel Lindalou, en we mogen een gepersonaliseerd koffertje van haar weggeven! Maak kans op zo'n uniek koffertje en vertel met het prijsvraagformulier ons hoe Linda deze koffertjes genoemd heeft!

Je vindt het antwoord op Lindalou

Naam
Email adres
Mijn antwoord
Image Verification
captcha
Please enter the text from the image:
[ Refresh Image ] [ What's This? ]


Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...